Scholencomplex met klooster

Jongensschool en meisjesschool met klooster

Stan Leurs, 1932

Omdat de school in Dessel-centrum in 1929 veel te klein geworden was, werd beslist om een nieuwe school te bouwen in Witgoor. Op die manier konden de kinderen uit Witgoor in hun eigen wijk naar school gaan. Op 15 maart 1930 kreeg Leurs de opdracht om de school te ontwerpen. Hij kreeg de opdracht vermoedelijk na lovende commentaren van de zusters Annonciaden in Dessel, waar Leurs ook gebouwen had ontworpen.

De school werd pas afgewerkt in 1932. Met zijn ontwerp sloot Leurs zich volledig aan bij de nieuwe opvattingen over scholenbouw. Het “functie bepaalt vorm”-denken werd hier sterker doorgetrokken en kwam ook tot uiting in de details. Zo hadden de onderdelen van het bouwblok verschillende hoogtes, afhankelijk van hun gebruik. Hij besteedde aandacht aan de oriëntatie, de lichtinval en het creëren van een aangename leersfeer. De geometrie vond haar vorm terug in de functie. Van decoratieve elementen was er weinig tot geen sprake. Het ging om zeer zuivere baksteenarchitectuur, die tot in de kleinste details, zoals de raamdorpels, werd doorgetrokken. Voorts valt het ontbreken van kroonlijsten en het gebrek aan om het even welke decoratie op. De deuren zijn niet versierd of geaccentueerd. Er is zelfs geen regenpijp te zien.

Jongensschool in Witgoor, volgens het originele ontwerp van Leurs. (Collectie VAI-Vlaamse Gemeenschap)
Meisjesschool in Witgoor, met aan de linkerkant het aanpalende klooster voor de zusters. Oorspronkelijke staat. (Collectie VAI-Vlaamse Gemeenschap)

De gevel was een uitwendige vertolking van de ruimten die zich erachter bevonden. Via grote stalen ramen met horizontale raamverdelingen werd het contact met buiten zeer groot. Alles werd bewust zo opgevat om een zo aangenaam mogelijke leersituatie te creëren. In de onderste raamvlakken werd ondoorzichtig structuurglas geplaatst, waardoor de leerlingen niet afgeleid konden worden. De speelplaats bleef ook ommuurd. Deze elementen grepen terug naar meer verouderde uitgangspunten van scholenbouw, die vermoedelijk van bovenaf aan Leurs werden opgelegd. 

Verademing voor de leerlingen

In dit complex kwamen de nieuwe opvattingen over scholenbouw al voorzichtig naar voren. Die opvattingen over de scholenbouw werden in Vlaanderen het sterkst verwoord door Huib Hoste. Hij pleitte tegen de “architectuur voor de gevel, maar een bezinning over de ruimte”. Scholen waren tot die periode vaak afgesloten en ommuurde zones, waar kinderen zo veel als mogelijk van de buitenwereld werden afgesloten. Vanaf het einde van de jaren 1920 werden de ommuringen stilaan verwijderd en de ramen in de klas vergroot.

"Men is gaan inzien dat ingeslotenheid precies nadelig werkt op de kinderen; die vertelt hen inderdaad dat het buiten licht is en zonnig en dat zij zich moeten houden alsof er geen zon in de lucht hing, alsof er geen groen was aan de bomen, dat zij gevangen zijn."
Huib Hoste (1881-1957)
Architect

De meisjesschool werd vanaf 1931 aan de overzijde van de straat opgetrokken. In oktober werden de klaslokalen afgewerkt en op 1 januari 1932 konden de zusters hun intrek nemen in de nieuwe kloostergebouwen. De twee scholen vormden samen met de kerk één stedenbouwkundig geheel. Er werd gekozen voor eenzelfde vormentaal en dezelfde baksteenarchitectuur met stalen ramen met een horizontale verdeling.

De scholen bleek al snel te klein. Ze werd verschillende malen uitgebreid, maar zonder de hulp van Leurs. Zo ontwierp Jozef Schellekens in 1934 al een eerste uitbreiding van de jongensschool. Het ging om twee klassen, die in dezelfde stijl als die van Leurs werden opgetrokken. Hij verbouwde ook enkele bijgebouwen. De galerij aan de zuidzijde en de westelijke klassenvleugel dateren van het derde kwart van de twintigste eeuw, ook naar ontwerp van Schellekens. Door die verschillende bouwfasen blijft er vandaag erg weinig van het originele concept van Leurs bewaard. Op beide sites werden de bouwvolumes uitgebreid en er werden nieuwe gebouwen opgetrokken,  die door hun stijl en vorm niet echt aansluiten bij het geheel. Ook het kloostergebouw, het enige van Leurs dat nog overeind staat aan de meisjesschool, is zwaar verminkt. Vandaag is er het jeugdhuis Scharnier gevestigd.